Een jaar voorbij

Oh jongens, ik weet nog als de dag van gisteren dat ik mijn bevallingsverhaal neerpende. Dat ik tussen de kraamtranen, spuitluiers en borstvoedingstaferelen een uurtje vond om dit voor mezelf op te schrijven. En nu zijn we een jaar verder, en lijkt het net of ik die schaarse uurtjes helemaal niet meer kan vinden. Iedere ochtend sta ik met frisse (oké, soms ook met niet-frisse) moed op en zeg ik tegen mezelf: vanavond ga ik weer eens een stukje schrijven, ja, daar heb ik zin in. Om vervolgens na mijn werk, het koken, opruimen, Lev naar bed brengen en mijn huiskloffie aanschieten te verdwijnen in de kussens van de bank. Met een stomme serie of een film. Dom kijken. Dom liggen. Mijn hoofd is vol. Te vol om er iets ‘uit’ te krijgen.

Het was een prachtig jaar, want wat heb ik genoten. Maar jeetje mineetje het was ook het zwaarste jaar van mijn leven. Ik heb het moederschap een tikkeltje onderschat, ben ik bang. Ik wist van mezelf al wel dat ik een gevoelsmens ben. Dat bij mij emoties vaak dieper lijken te gaan dan bij anderen. Dat ik minder ‘kan hebben’. Maar deze intense vorm van liefde en oergevoelens had ik niet zien aankomen. De irritante zin “wacht maar tot je zelf kinderen hebt” blijkt toch echt waar te zijn.. Je weet pas hoe het voelt als je er middenin zit.

Dit is MIJN kind
“Pak hem maar! Hij is van jou!” is het eerste wat de verloskundige tegen me zei toen Lev geboren werd. Ik ben staand bevallen en hing op dat moment nog half hurkend in Marcels armen. Opgelucht dat mijn bevalling erop zat, happend naar adem. Ik keek naar het kleine roze wurmpje op een kussen op de grond. Twee witte handschoenen hielden zijn hoofd en lijfje vast. Mijn kind. Ik was even helemaal in mijn eigen wereld (de gehele bevalling trouwens) en had de woorden van de verloskundige nodig om weer ‘terug’ te komen. Als ze niets had gezegd was ik waarschijnlijk nog even blijven kijken.

Tot de dag van vandaag moet ik mezelf soms nog steeds even die reminder geven: “Esmee, dat is JOUW kind. JIJ mag hem pakken. Nee, MOET hem pakken. Jij bent degene die hem troost, voedt, naar bed brengt en hele dagen met hem speelt. Ik ben écht een moeder nu. Na een jaar ben ik daar nog steeds niet helemaal aan gewend. Soms ben ik bang dat mensen mij met Lev zien lopen op straat en denken dat ik zijn oppas ben, of zijn grote zus. Alsof ik er niet uitzie als een moeder, of zo. Dat dat de grootste onzin is weet ik heus wel, net of je een bepaald uiterlijk moet hebben om eruit te zien als moeder. Maar toch. Soms voel ik me nog zo onvolwassen. En dan ben ik bang dat andere mensen dat ook van mij vinden.

Wallen tot we vallen
Slapen doen we nog steeds maar weinig. Het is wat het is. Als ik andere mensen vertel hoe het grootste deel van de nachten er bij ons aan toe gaan vindt men dat vaak heel zwaar klinken. En dat is het ergens ook wel. Maar aan de andere kant weet ik ook gewoon niet beter. De enige momenten dat ik merk hoeveel energie Lev eigenlijk vraagt, is wanneer ik andere kindjes meemaak. Op zijn verjaardag had ik het dochtertje van een vriendin op mijn schoot. “Wat heerlijk!” zei Marcel. “Wat is ze rustig!”. En dat klopte ook echt. Ze zat gewoon lekker op mijn schoot om zich heen te kijken en te lachen. Lev zit alleen stil op mijn schoot als hij bijna in slaap valt, haha! En dat is zo geweest sinds het moment dat hij kon rollen. Zelfs in zijn slaapt schopt hij me soms. Maar ach, ik zou hem echt niet anders wensen. Het is zo’n ontzettend heerlijk ding. Met wervelwindkaraktertje en al.

Een jaar voorbij
En toch herinner me ik die eerste momenten met hem als de dag van gister. Het voelt heel ver weg, maar ook nog steeds ontzettend dichtbij. Er is gewoon alweer een jaar voorbij. Dat voelt gek genoeg helemaal niet zo. Soms lijkt het of ik gister naar bed ging met een pasgeboren baby en vanmorgen wakker werd met een dreumes van een jaar. Ik ben benieuwd wat het komende jaar ons brengen gaat. Op dit moment hunker ik vooral naar wat meer rust. Geen verhuizingen, geen grote veranderingen, geen gekke dingen. Gewoon lekker genieten met ons drietjes en zien wat het jaar ons brengen mag. Doe mij maar lekker burgerlijk. Dat mag toch, als je moeke bent?

Ondertussen knijp ik mezelf nog maar een keer. En leg ik me neer bij het feit dat bloggen niet mijn nummer 1 prioriteit is. Dat is vanaf nu altijd Lev. En ons leven. Ik geloof het soms nog steeds niet, maar het is echt waar. Ik heb een kind. Een kind van 1. Een eigenwijze dreumes die zijn wereld met de dag vergroot. Die nog steeds de allergrootste knuffelkont ter wereld is. Die nog steeds het liefst heel dichtbij ons is (dag en nacht). En die, wanneer ik even met mijn ogen knipper, alweer een kind van 2 zal zijn. Dag babytijd. Hallo rest van ons leven.

Liefs,
Esmee

Leave a Reply